Biografisch Lexicon voor de geschiedenis van het Nederlandse Protestantisme, deel 5, Kampen 2001, pag. 56ff

 

                                                                       Zurück zur homepage von Pastor Dr. Beuker

 

BEUKER, HENRICUS (ook Hindrikus of Hendericus), * Volzel 04. juni 1834, + Grand Rapids, (Michigan V.S.) 18 mei 1900. Zn. van Berend Jan Beuker, landbouwer in Volzel bij Emlichheim in het toenmalige koninkrijk Hannover, en Fennigien Stokman. Stud. theol. Graafschap Bentheim 1856, Kampen 1858; dr. theol. h.c. Westminster College, New Wilmington (Pennsylvania VS). 1897. Chr. geref. predikant Zwolle 1862, Rotterdam 1864, Giessendam 1867, Harlingen 1869, Amsterdam 1873, Emlichheim (Duitsland) 1881, Leiden 1884, Muskegon (Michigan VS) 1893. Hoogl. Grand Rapids 1894-1900 (praktische theologie, dogmatiek, homiletiek, kerkrecht, liturgiek, poimeniek, catechetiek). Hij huwde op 25 sept. 1862 in Katwijk aan Zee met Aaltje van Duyn (1836-1919).

Henricus Beuker kwam voort uit de Duitse Altreformierte Kirchen vlak over de Ned. grens van Overijssel. Via zijn ouders kwam hij vroeg in nauw contact met de leiders van de tot 1848 verboden ‘koksche’ samenkomsten, zoals J.B. Sundag of H.H. Schoemaker. B. werkte vanaf 1862 als chr. geref. pred. achtereenvolgens in acht verschillende plaatsen in drie landen. In Nederland was hij actief in de schoolstrijd, vanaf 1868 in de Vereniging voor Geref. Schoolonderwijs, in het volkspetitionement van 1878 en in de Unie “Een school met den bijbel” 1879-1881. Hij was betrokken bij de oprichting van de Vrije Universiteit in Amsterdam.  Op verschillende ‘meetings’ voerde hij het woord voor de afgescheidenen. Zijn bezwaren bracht zij in een eigen brochure tot uiting. De theologische faculteit wilde hij onder kerkelijk, liefst chr. geref. toezicht stellen. De Theol. School in Kampen zou dan zelfs in zo’n faculteit kunnen worden opgenomen. B. trad van 1870 tot 1881 op als curator van de Theol. School in Kampen, in 1879 en 1881 zelfs als president-curator. Hij was vanaf 1872 tot 1892 op iedere synode van de Chr. Geref. Kerk als lied en in zijn duitse tijd als gast aanwezig. In 1877 was hij zelfs voorzitter van de synode, van 1885 tot 1892 lid van haar moderamen.

Vanaf 1870 zocht B. Ook op kerkelijk gebied samenwerking met de confessionele groep van A. Kuyper. Hij verdedigde Kuyper bij de afgescheidenen en hij bepleitte het recht van de afgscheidenen en hun kerkbegrip tegenover de doleantie. Hij verzette zich tegen de stichting van dolerende kerken waar reeds een afgescheidene aanwezig was: de instituering van ‘tegenkerken’ zou de geestelijke eenheid verbreken. Driekwart van de chr. geref. synode van Assen 1888 ging mee in de bedenkingen van B. En A. Littooy tegen bepaalde punten van een door Kuyper ontworpen ‘concept acte’. Zij werd in 1890 ook door de Nederduitsche Geref. Kerken afgewezen. Van de inzichten betreffende een algemene kerkelijke kas of van de zelfstandigheid van de plaatselijke kerken, zoals die in de kring van de doleantie leefden, moest B. weinig hebben. In 1888 werd hij aangewezen als een van de dputaten voor de vereniging. Via zijn maandelijkse rubriek “Een en ander” in zijn blad De vrije kerk hield B. De achterban uitgebreid op de hoogte en maakte hij duidelijk, dat vereniging z.i. noodzakelijk was.

Beuker stichtte drie verschillende kerkelijke bladen. Van 1875 tot 1893 gaf hij maandelijks De vrije kerk uit, een van de vooraanstaande bladen van de Christ. Gerefor. Kerk. In 1883 stichtte hij de Grensbode, tot op heden het tweeweekelijks orgaan van de Evangelisch-altreformierte Kirche in Niedersachsen. In de VS was hij medeoprichter van De Gereformeerde Amerikaan, een belangrijk maandblad van de Christian Reformed Church.

B. verzette zich tegen de ‘Vermittlungstheologen’. Hij kon hun theologie niet volgen. Desondanks beriep hij zich meer dan eens op J.J. van Oosterzee, die hij bewonderde. B. zocht een kerk getrouw aan de confessie. ‘Geen reformatie zonder separatie’ had zijn leuze niet kunnen zijn. Hij zag de Afscheiding duidelijk als een mogelijkheid om de kerk te vernieuwen. Toch was zijn werk onder de tweede generatie van afgescheidenen in Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten niet scheidend, maar verbindend van aard. In Nederland riep hij onvermoeid op, het „juk van de goddeloze hierarchie“ af te werpen. In Duitsland probeerde hij vooral in zijn tijd in Emlichheim de Altreformierten met andere kerken en gemeenschappen samen te voegen. „Hij was veel te goed Gereformeerd om bekrompen te zijn“ (H. Bavinck). Zijn doelstellingen waren een vrije kerk, een vrije school en een vrije wetenschapsbeoefening.

In 1893 emigreerde B. vooral om familiaire redenen naar de Verenigde Staten. Hij wilde het geref. element aldaar versterken. Hij was een jaar predikant van de Christian Reformed Church vn Muskegon en werd in 1894 opvolger van zijn neef G. Vos hoogleraar aan de Theologische School in Grand Rapids, Michigan. Zijn streven naar eenheid tussen zijn kerk, de Christian Reformed Church, en het westelijke gedeelte van de Reformed Church was tevergeefs. In 1897 ontving hij vanwege zijn onderhandelingen en streven naar eenheid met de United Presbyterian Church een  eredoctorat van deze kerk.

B. stichtte verschillende instituten, waaronder Effatha, heden een chr. instituut voor doven in  Voorburg, en een sanatorium voor longzieken in Maxwell, New Mexico.

 

Geschr.:

 - Een papieren agent voor gereformeerd schoolonderwijs, Kampen 1870.

 - De belangrijkheid van den Evangeliearbeid, Delfzijl 1874.

 - Het onmisbare en kenmerkende van de Inwendige Zending vanwege de Kerk. In: De Inwendige Zendings-Conferentie te Amsterdam, gehouden 10. Augustus 1876, Amst. 1876.

 - De beste verhouding tusschen school en staat. In: Referaten gehouden op de Algem. Vergadering van de Vereeniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs. 12 Juni 1879 te Utrecht, Amst. 1879.

 - Bijbelsche archeologie. Een overzicht van Israëls land en levenswijze, voor meer ontwikkelde leden deer gemeente, inzonderheid voor zondagschoolonderwijzers en jongelingsvereenigingen, Amst. 1879; 3e dr., Leiden ca. 1985.

 - Een zestal bezwaren tegen den grondslag der Vrije Universiteit. Ingebracht en gehandhaafd op de eerste en tweede meeting te Amsterdam. Amst. 1880.

 - „De wil des Heeren geschiede“. Afscheidsrede van de Christelijke Gereformeerde Gemeente te Amsterdam. Uitgesproken in de Kerk op de Keizersgracht, 19 September 1881. Amst. 1881.

 - Een en ander over de vraag: Waarom kunnen de wederzijdsche deputaten niet samenkomen? Aan Chr. Gereformeerden en Doleerenden. Overgedrukt uit ‘De Vrije Kerk’. Leiden. 1888.

 - De Heere is mijn Herder. Medidatien over psalm XXIII. Leiden 1893.

 - Tubantiana. Iets over de regeering in staat en kerk van de Graafschap Bentheim, van af de hervorming tot op onzen tijd. Kampen 1897.

 - Leerredenen van wijlen prof. H. B., uitgegeven door en met een voorwoord van A. Keizer, Holland [Michigan] 1901 (met portret).

 - B. schreef 23 artikelen in Wekstem, 1867-1874, en 15 artikelen in De Bazuin, 1868-1871 (zie G.J. Beuker, Abgeschiedenes Streben, 383-384).

 - Ca. 100 artikelen in de Graafschap-Bentheimsche en Oostfriesche grensbode, 1883-1884

 - Peter De Klerk, A Bibliography of the writings of the professors of Calvin Theological Seminary, Grand Rapids 1980, 3.1-3.28 geeft een volledig overzicht van de bijna 600 artikelen, die B. tussen 1875 en 1900 geschreven heeft in De vrije kerk, De gereformeerde Amerikaan en in De wachter, Getuigenissen uit de Hollandsche Christelijke Gereformeerde Kerk in N. Amerika.

 

Lit.:

 - P.G. Datema, Antwoord aan den afgescheiden predikant, den heer B., Zwartsluis 1883.

 - F.M.A. Hölscher, Altreformirtes. Offene Antwort an Ds. B. und seine Artikel im ‘Grensbode’.

 - J.A. de Jong, H. B. and De Vrije Kerk on Abraham Kuyper and the Free University. In: Building the House, Essays on Christian Education, o.r.v. J.A. de Jong, Dordt College 1981,27-46.

 - Doleantie-wederkeer (…), o.r.v. D. Deddens en J. Kamphuis, Haarlem 1986, reg. in v.

 - J.D. Bratt, De erfenis van Kuyper in Noord-Amerika. In: Abraham Kuyper, zijn volksdeel, zijn invloed, o.r.v. C. Augustijn (e.a.), Delft 1987, 208.

 - De Vereniging van 1892 en haar  geschiedenis, o.r.v. L.J. Wolthuis en J. Vree, Kampen 1992, reg. in v.

 - J. Faber, Amerikaanse Afscheidings-theologen over verbond en doop. Rede gehouden bij gelegenheid van de viering van de 140e dies natalis van de Theologische Universiteit van de Gereformeerde Kerken in Nederland te Kampen op dinsdag 6 december 1994, Barneveld 1995 (Kamper Bijdragen Nr. XXXIII). -

G.J. Beuker, Abgeschiedenes Streben nach Einheit, Leben und Wirken Henricus Beukers 1834 - 1900. Kampen 1996.

 

G.J. Beuker